Het Gentse circulatieplan uitgelegd voor fietsers

Sectoren, de stadsring en autovrije straten: waarom fietsen in Gent zo vlot gaat en waar je toch moet opletten.

1-2 minuten
Het Gentse circulatieplan uitgelegd voor fietsers

Sinds 2017 werkt Gent met een circulatieplan. Wie met de auto rijdt, merkt dat meteen. Als fietser profiteer je er vooral van, maar het is handig om te weten hoe het werkt.

Hoe zit het in elkaar?

Het centrum van Gent is opgedeeld in een autovrij gebied in het midden en verschillende sectoren daarrond. Met de auto kun je niet rechtstreeks van de ene sector naar de andere rijden. Wie dat wil, moet via de stadsring, de R40.

Voor fietsers en voetgangers geldt die beperking niet. Jij mag wel van sector naar sector, wat de fiets in veel gevallen het snelste vervoermiddel maakt.

Fietsstraten

In Gent zie je veel fietsstraten. Daar mogen auto’s wel rijden, maar ze mogen fietsers niet inhalen en moeten zich aan hun tempo aanpassen. De maximumsnelheid is er 30 kilometer per uur. Je herkent ze aan de borden en vaak aan de rode wegmarkering.

Waar moet je opletten?

  • Tramsporen: steek ze zo haaks mogelijk over. Bij regen zijn ze glad.
  • Kasseien: in de historische kern rijd je over kasseistroken. Rij rustig, zeker met een volle fietstas.
  • Voetgangersgebied: in sommige straten van het autovrije gebied gelden aparte regels voor fietsers. Volg de borden.
  • Drukte rond de campussen: op piekmomenten zijn er veel fietsers tegelijk. Hou afstand en signaleer met je arm.

Je fiets stallen

Rond het station Gent-Sint-Pieters en in het centrum zijn grote fietsenstallingen. Stal je fiets daar in plaats van aan een paal of gevel. Fietsen die verkeerd geparkeerd staan, kunnen worden weggehaald.

Licht en reflectoren

In de herfst en winter is het vroeg donker. Zorg voor werkende voor- en achterlichten. Fietsen zonder licht is gevaarlijk en kan een boete opleveren.

Kort samengevat

  1. Auto’s moeten via de R40, jij niet.
  2. In fietsstraten mag je niet ingehaald worden.
  3. Let op tramsporen en kasseien.
  4. Stal je fiets in een stalling en zorg voor licht.